Welkom / Bienvenue
Pistache FR: initiatie Frans | |
De koffers van Pistache zitten boordevol materiaal om kinderen op jonge leeftijd vertrouwd te maken met een nieuwe taal: Frans. We werken met levensecht audiovisueel materiaal (door Franse kinderen gebracht) en leuke illustraties van situaties die heel herkenbaar zijn voor kinderen. De dozen zijn flexibel te gebruiken, op het niveau van de groep. Frans wordt gebruikt als middel om Pistache en zijn vriendjes te leren kennen en om heel wat leuke dingen te doen. Haalbaarheid: Pistache is in Vlaanderen ontwikkeld en getest in klasjes. Woordenschat, structuren en uitdrukkingen sluiten aan bij de belevingswereld van de kinderen. We werken binnen het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Talen op niveau A1 = doorbraak, niveau introductif ou découverte (*). Herhalingsprincipe: Beter een beperkte woordenschat die regelmatig herhaald wordt dan een te uitgebreide woordenschat die een kind niet kan verankeren in het langetermijngeheugen. De basiswoordenschat wordt op verschillende manieren herhaald: voorleesboeken, télé Pistache, cd liedjes en cd-rom verhaaltjes en spelletjes. De succeservaring wordt hierdoor groter. Continuïteit: Na Pistache 1 komen Pistache 2 en 3. De aangebrachte woorden en uitdrukkingen worden in andere thema's herhaald. De woordenschat die de leerplannen voorzien voor de derde graad wordt reeds in luisteren en spreken aangebracht. Veel plezier!!! | |
Pistache NL: initiation à la langue néerlandaise | |
Tout comme s'il s'agissait d'accoutumance à l'eau, on construit pas à pas la confiance des enfants pour comprendre et imiter la langue néerlandaise. L'apprentissage se fait très tôt et est basé sur l'éveil des différents sens et sur la motricité des enfants. La langue étrangère est abordée d'une façon très ludique: en jouant, en écoutant, en parlant, en chantant et en dessinant. Des études scientifiques ont démontré que, de cette manière, de très jeunes enfants acquièrent plus facilement cette langue étrangère et même d'autres langues étrangères. | |
| (*) "Kan vertrouwde dagelijkse basiszinnen, gericht op de bevrediging van concrete behoeften, begrijpen en gebruiken. Kan zichzelf aan anderen voorstellen en kan vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens zoals waar hij/zij woont, wie hij/zij kent en dingen die hij/zij bezit. Kan op een simpele manier reageren, aangenomen dat de andere persoon langzaam en duidelijk praat en bereid is om te helpen". Gemeenschappelijk Europees Referentiekader, 2007, http:// taaluniversum.org/onderwijs/gemeenschappelijk_europees-referentiekader/3/2/ |
